Vereniging

Wonen in Nederland: dat doen we samen

Woningcorporaties werken al meer dan 150 jaar aan betaalbaar wonen. Telkens spelen we in op maatschappelijk ontwikkelingen en op de woonbehoeften van Nederlanders. Zo is een brede sociale huursector ontstaan met een diverse woningvoorraad van hoge kwaliteit, waarin allerlei mensen wonen. Daarmee dragen we bij aan de Nederlandse traditie waarin sociale huurwoningen, middeldure huurwoningen en koopwoningen in wijken door elkaar staan. Buurten waarin verschillende mensen wonen en elkaar ontmoeten. Woonomgevingen die samen een inclusieve samenleving vormen. We mogen in Nederland trots zijn op die traditie.

Daarom staan woningcorporaties daar pal voor. Omvang van de sector is geen doel op zich, maar we verzetten ons tegen de visie dat de sociale huursector zich alleen moet richten op de meest kwetsbaren. Sociale huur zou langzaam maar zeker afglijden tot een soort armenvoorziening. We doen er alles aan om die marginalisering te voorkomen. We steken juist onze nek uit om onze woningvoorraad up-to-date te houden en in te blijven zetten voor een diversiteit aan bewoners. We vragen ons af hoe onze huizen en onze inspanningen een bijdrage kunnen leveren aan buurten en wijken waarin mensen zich thuis voelen en goed met elkaar samen kunnen leven. Daar staan we voor.

Overspannen woningmarkten versus krimpgebieden

Vanuit deze overtuiging kijken we ook naar ontwikkelingen op de Nederlandse woningmarkt. De bevolking groeit en huishoudens worden kleiner. Het wordt gestimuleerd dat ouderen langer zelfstandig wonen, maar huizen of woonvormen die daarbij helpen zijn niet zomaar voorhanden. En als we willen dat kwetsbare mensen sneller een opvangvoorziening verlaten en ‘gewoon’ in een wijk wonen, dan moeten ze wel de juiste begeleiding van de juiste partij krijgen. We willen immers voorkomen dat het leidt tot overlast voor andere wijkbewoners.

Binnen Nederland zien we overigens grote verschillen tussen regionale woningmarkten. Er gaat op het moment veel aandacht uit naar de overspannen woningmarktgebieden. Daarbij valt zelfs het woord wooncrisis. Een steeds grotere groep vindt daar steeds moeilijker een geschikt en betaalbaar huis. Extra nieuwbouw komt maar moeizaam op gang. Huren bij commerciële verhuurders en prijzen van koopwoningen stijgen buiten proportie. Het aantal daklozen neemt toe. Corporaties kunnen daar de woningen bouwen waar veel mensen om zitten te springen.

Maar in andere regio’s spelen hele andere vraagstukken. De bevolking stabiliseert, vergrijst, krimpt of gaat dat in de toekomst doen. Voorzieningen trekken weg en de leefbaarheid staat onder druk. Hier is vooral behoefte aan transformaties  en andere woningen, die passen bij de ontwikkeling van dorpen en gemeenschappen.

Woningcorporaties dragen overal bij aan de oplossingen, die juist daar nodig zijn. Tegelijkertijd lopen we voorop in de verduurzaming van de Nederlandse woningvoorraad. We werken samen met allerlei partijen hard aan al deze woonvraagstukken. We kunnen dat en doen dat graag: daar zijn we voor.

Niet alles kan…

Maar niet alles kan en niet alles kan meteen: ambities worden altijd beperkt door randvoorwaarden. We doen wat we kunnen met het geld dat we beschikbaar hebben en binnen de ruimte die de regels bieden. Op die randvoorwaarden heeft de politiek veel invloed. Zowel landelijk als lokaal. Meer belastingen voor corporaties betekent minder geld om aan onze maatschappelijke taken te besteden. Te strenge regelgeving betekent dat we niet iedereen kunnen helpen die het moeilijk heeft op de woningmarkt. Zonder bestemmingsplan en bouwlocatie geen nieuw huis. In een tijd van wooncrisis mag Nederland verwachten dat de politiek zijn verantwoordelijkheid neemt. Anders komen de woningen er niet voor de mensen die er dringend om verlegen zitten.

Daar staat tegenover dat wij onze eigen verantwoordelijkheid nemen. Het is aan ons om alle mogelijkheden en geld te gebruiken om te doen wat nodig is. We moeten alles op alles zetten om er het maximale uit te halen, om huren betaalbaar  te houden, om zoveel mogelijk woningen te bouwen en te verduurzamen, om wijken leefbaar te houden. Om zo veel mogelijk mensen te helpen.

Een gezamenlijke opgave

In de Aedes-Agenda 2020-2023 staan de belangrijkste doelen van de corporatiesector voor de komende jaren. De agenda is een vervolg op de visie voor de langere termijn die in 2016 werd vastgesteld met als titel Wendbare houding, stabiele factor, focus op bewoners. Tot voor kort waren onze maatschappelijke doelen en onze ambities voor sectorontwikkeling en innovatie separaat vastgelegd in de Woonagenda en de Vernieuwingsagenda. Deze komen nu logischerwijs samen in één agenda.

De Aedes-Agenda is vastgesteld door de woningcorporaties die aangesloten zijn bij branchevereniging Aedes. Zij hebben samen zo’n 95 procent van alle corporatiewoningen in bezit. Deze agenda is zodoende van en voor de sector. De agenda is een gezamenlijke ambitie van individuele corporaties, van de branchevereniging en van allerlei samenwerkingsverbanden waarin groepen corporaties samen optrekken.

Aedes spant zich in voor de best mogelijke randvoorwaarden voor corporaties om hun werk te kunnen doen. Bijvoorbeeld door politieke besluitvorming te beïnvloeden om regelgeving werkbaar te maken. Maar Aedes stimuleert ook innovatie en professionalisering van corporaties, onder ander door kennis te delen. Aedes werkt als een platform, van, voor en door de corporaties die lid zijn.

Samenwerken: ja, graag

Een uitgangspunt van de agenda dat we op allerlei terreinen en niveaus samenwerken met allerlei veelkleurige maatschappelijke partners. We kunnen het niet alleen en samenwerking is juist één van onze grote krachten. We trekken lokaal zoveel mogelijk samen op met bewoners, woningzoekenden, gemeenten en alle maatschappelijke spelers in de wijk. We werken samen in regio-verbanden en met provincies. Landelijk zoeken we partners op als  Woonbond, VNG, ministeries, VTW, Actiz en Bouwend Nederland. Maar als daar aanleiding voor is zoeken we onderwijs-, ouderenorganisaties, banken, bedrijfsleven, pensioenfondsen en andere investeerders op. Of iedere andere stakeholder die kan bijdragen aan beter wonen.

Vijf prioriteiten

De ambities zijn in de agenda onderverdeeld naar vijf prioriteiten. We kozen onze inzet op basis van de huidige situatie en kijkend naar ontwikkelingen.

  1. Huren die bewoners kunnen betalen
  2. Overal voldoende en passende sociale huurwoningen
  3. Duurzame huurwoningen zonder extra woonlasten voor huurders
  4. Huurwoningen in gemengde wijken waar mensen zich thuis voelen
  5. Goede randvoorwaarden en gezonde bedrijfsvoering