Publicaties

Minister erkent: woningbouw van corporaties stagneert

De verduurzaming van corporatiewoningen ligt op schema en de betaalbaarheid blijft goed. Andere opgaven van woningcorporaties blijven achter: de woningbouw stagneert en de leefbaarheid staat onder druk. Minister Ollongren (BZK) erkent in de Staat van de Volkshuisvesting 2019 dat de financiële positie in gevaar komt. 

Met deze conclusie bevestigt de minister voor het eerst expliciet wat Aedes al langere tijd aangeeft. De minister constateert dat de verdiencapaciteit onder druk staat door belastingbetalingen en door beperkte mogelijkheden in het huurbeleid, zoals het passend toewijzen. Ook volgens de minister is het nu de vraag of corporaties al die opgaven gaan halen. 

Verduurzaming
Corporaties doen veel aan verduurzaming en met succes. De sector kent het minste aantal woningen met label G. De gemiddelde Energie Index (EI) daalde fors van 1,73 in 2017 naar 1,65 nu. Hiermee halen woningcorporaties label B in 2021 zoals afgesproken in het Energieakkoord. 

De Staat van de Volkshuisvesting verwijst naar een rapport van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw waarin staat dat er op korte termijn voldoende geld is bij corporaties om te versnellen in verduurzaming. Op de langere termijn dreigen echter steeds grotere financiële risico’s, erkent de minister. 

Leefbaarheid
De inwoners van wijken met veel corporatiewoningen lijken in sociaal-economisch opzicht steeds meer op elkaar. Het aantal mensen met een midden- en hoog inkomen in corporatiewoningen daalde van 25 procent in 2012 tot 17 procent in 2018. Het aantal mensen met een uitkering en/of psychische problemen nam toe. 

De minister herkent het beeld uit het RIGO-rapport in opdracht van Aedes dat de leefbaarheid in de wijken hierdoor onder druk staat. Zij ziet dat ook terug in een toename van prestatieafspraken over de uitstroom uit beschermd wonen, de aanpak van overlast en buurtactiviteiten. 

Betaalbaarheid en nieuwbouw
De corporaties lieten de huren afgelopen jaar gemiddeld op slechts inflatieniveau stijgen, aldus de Corporatiemonitor Huurbeleid 2019. Dat betekent dat sociale huurwoningen voor de meeste mensen betaalbaar zijn gebleven. Het aantal mensen dat te duur woont, is gedaald van 15,8 naar 9,7 procent. 

De druk op de woningmarkt neemt toe door achterblijvende nieuwbouwproductie. In 2018 zijn er slechts 15.000 betaalbare huurwoningen nieuw gebouwd terwijl corporaties 34.000 als doel hebben. Het totale aanbod is na verkoop en sloop in twee jaar tijd gekrompen met 10.000 woningen, terwijl het aantal huishoudens groeit. 

De minister schrijft dat nieuwbouw minder prioriteit heeft bij woningcorporaties. Aedes benadrukt de omvang van het totaal aan maatschappelijke opgaven: allereerst het zorgen voor voldoende en betaalbare huurwoningen, ondanks de toenemende belastingdruk. Daarbij is er de wens voor een snellere verduurzaming.

Het niet realiseren van een hogere bouwproductie komt naast de stijgende belastingdruk ook door te weinig locaties en personeel. Bovendien steeg de ‘onrendabele top’ op de bouw van corporatiewoningen steeg van 45.000 euro naar 60.000 euro. Dat betekent dat corporaties 60.000 euro per nieuwbouwwoning bijleggen.