Rijksbegroting 2022: de belangrijkste plannen voor woningcorporaties

Het kabinet presenteerde dinsdag 21 september 2021 de Rijksbegroting voor 2022. Aedes is teleurgesteld in de aanpak van de wooncrisis. De € 100 miljoen per jaar die gedurende 10 jaar beschikbaar wordt gesteld voor extra betaalbare nieuwbouw onderstreept dat de urgentie niet gevoeld wordt.  

Op deze pagina een overzicht van de belangrijkste plannen voor woningcorporaties. De meeste daarvan waren al bekend. Lees ook de reactie van Aedes op de begroting

In de Miljoenennota schrijft het demissionaire kabinet wel dat ‘het komende kabinet volgens het rapport BMH-wonen (Brede Maatschappelijke Heroverwegingen) kan overwegen om een nationale woonagenda uit te zetten, in samenwerking met provincies, gemeenten en corporaties. Daarbij is een aandachtspunt de onbalans tussen de opgaven waarvoor corporaties staan en de middelen die zij hiervoor hebben. Het is daarbij een optie dat de Rijksoverheid de medeoverheden ondersteunt bij het onrendabele deel van de publieke kosten bij woningbouw, zoals de infrastructurele kosten. Een efficiënte inzet van financiële middelen vereist wel dat geen andere knelpunten de bouwcapaciteit op de korte termijn beperken. Een duidelijke stip op de horizon over de bouwopgave en innovatie van het bouwproces kan helpen om de komende jaren de bouwcapaciteit te vergroten.’ 

FISCALE ZAKEN

Verhuurderheffing

  • Het kabinet zal de huurbevriezing (die is doorgevoerd per 1 juli 2021) volledig compenseren. De toezegging lag er al om hier € 150 miljoen per jaar voor uit te trekken. De Kamer heeft dit dankzij lobby van Aedes vlak voor de zomer aangevuld tot € 180 miljoen. De verhuurderheffing wordt hiervoor structureel verlaagd met € 180 miljoen per 1 januari 2022.
  • Het tarief voor de verhuurderheffing in 2022 zal daardoor 0,485% zijn (0,526% in 2021).  
  • De totale netto opbrengst wordt geraamd op € 1,46 miljard. Er wordt begroot dat er voor circa € 600 miljoen aan heffingsverminderingen zal worden gerealiseerd. 
  • Als er geen beleidswijzigingen plaatsvinden, zal het tarief voor 2023 worden vastgesteld op 0,459% en voor 2024 op 0,46%.  
  • De netto opbrengst wordt door het kabinet als volgt geraamd:  
  • Bijlage miljoenennota 

    Netto verhuurderheffing * 1mln 

    2022 

    1460 

    2023 

    1220 

    2024 

    1734 

    2025 

    2335 

  • We zien een structurele oploop van het bruto bedrag verhuurderheffing richting € 2,5 miljard euro per jaar. 
  • Het wordt mogelijk om per maand in plaats van per kwartaal een heffingsvermindering open te stellen of te sluiten. Dit om grote overschrijvingen van het budget voor een heffingsvermindering te kunnen voorkomen. Het voorkomt tevens dat overschrijvingen, wanneer er geen dekking kan worden gevonden, moeten worden betaald uit een generieke tariefsverhoging.  
  • Voor 2021 wordt in de bijgestelde raming verwacht dat de netto opbrengst van de verhuurderheffing toeneemt van € 1,468 miljard tot € 1,88 miljard. Dat is een toename van € 412 miljoen. De reden hiervan wordt niet toegelicht. Dat komt waarschijnlijk door een hogere stijging van de WOZ dan geschat, en door het niet realiseren van heffingsverminderingen. 

Vennootschapsbelasting

  • Het tarief van de vennootschapsbelasting blijft gelijk. In dit belastingplan zien we geen nieuwe regelingen die corporaties direct lijken te raken. Wel zien we een structurele VPB last van € 700 tot 900 miljoen per jaar voor corporaties.  

Overdrachtsbelasting

  • De terugkoop van woningen die eerder zijn verkocht via verkoop onder voorwaarden (VOV) wordt vrijgesteld voor overdrachtsbelasting, mits de waarde in het economisch verkeer bij de eerdere verkrijging maximaal € 400.000 was en er een aanbiedingsplicht door de eerdere verkrijger was.  
  • Door deze vrijstelling in de overdrachtsbelasting wordt voorkomen dat corporaties die VOV-woningen terugkopen, worden geconfronteerd met een heffing van 8%. Deze regeling levert een lastenverlichting op van € 36 miljoen per jaar. Dit bedrag komt voornamelijk bij woningcorporaties terecht. 

WONINGWET EN HUURBELEID

Woningwet

Huurbeleid 

  • Op het gebied van huur- en betaalbaarheidsbeleid geeft de begroting geen nieuwe voornemens. De huidige wet- en regelgeving blijft gelden (incl. de wetswijzigingen per 1 januari 2022). 
  • De Wet eenmalige huurverlaging en de huurbevriezing golden overigens alleen voor 2021. In de begroting voor 2022 wordt er vanuit gegaan dat de huren weer als gebruikelijk kunnen worden verhoogd. 

Huurtoeslag

  • De kwaliteitskortingsgrens en de aftoppingsgrenzen zullen in 2022 naar verwachting gelijk blijven aan die van 2021. Dat is het gevolg van de huurbevriezing van dit jaar.  
  • De liberalisatiegrens stijgt met het inflatiepercentage. Met hoeveel precies is nog niet bekend. Het gevolg hiervan is dat het gat tussen de aftoppingsgrenzen en de liberalisatiegrens iets groter wordt.  
  • Omdat het deel tussen de aftoppingsgrens en liberalisatiegrens maar beperkt wordt vergoed door de huurtoeslag, daalt de hoeveelheid huurtoeslag per huishouden iets. Echter, wanneer de huur bevroren is – zoals bij de meeste huishoudens het geval – of wanneer de huur onder de aftoppingsgrens zit, verandert er niks. 
  • De begrote huurtoeslag ligt in de begroting voor 2022 ongeveer 1% hoger dan in de begroting van vorig jaar en bedraagt circa € 4,5 miljard.  
  • Ondanks alle aandacht voor de toeslagen, zijn er voor 2022 geen wijzigingen aangekondigd in het toeslagenstelsel. Dit is een onderwerp voor de formatie.
  • In 2022 worden ruim 4.200 extra geschillen verwacht als gevolg van de wijziging van de Woningwet.  
  • De verwachte verhuurdersbijdrage in 2022 is gelijk aan die van 2021: € 5,5 miljoen.  

Koopkracht

  • Het kabinet verlaagt structureel de lasten met € 226 miljoen voor koopkrachtverbetering van sociale minima, eenverdieners en gezinnen. 
  • Ondanks deze lastenverlaging daalt de koopkracht voor eenverdieners en stijgt de koopkracht van sociale minima nauwelijks (0,1%). Er is dus echt meer nodig. 
  • Eerder dit jaar pleitten Aedes en de Woonbond, na een rapport van het Nibud, nog voor een verbetering van het inkomen van armere huurders. Alleen op die manier kunnen betaalrisico’s écht worden aangepakt.  

LEEFBARE WIJKEN

Aandachtsgroepen en leefbaarheid 

  • Het kabinet stimuleert de bouw van betaalbare en passende woningen en wil met gemeenten meer samenhang brengen in huisvesting van diverse aandachtsgroepen.  
  • Specifiek voor ouderen is in 2022 € 20 miljoen extra beschikbaar om geclusterd wonen te stimuleren, tevens is er € 10 miljoen voor kwetsbare groepen. 
  • De Agenda stad wordt in 2022 uitgebreid naar Agenda Stad en Regio, om zo de stapeling van maatschappelijke opgaven op het gebied van leefbaarheid en veiligheid aan te pakken.
  • Het programma Eén tegen eenzaamheid zal langer (in ieder geval tot in 2023) doorlopen. VWS blijft inzetten op het agenderen van het thema Mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB), het verzamelen en verspreiden van kennis daarover en het ontwikkelen van nieuwe producten. Het is ook een van de pijlers van de toekomstagenda gehandicaptenzorg. 
  • Het programma Langer Thuis wordt eind 2021 afgerond. Wel wordt in 2022 verder uitvoering gegeven aan het opstellen van de werkagenda conform de bestuurlijke afspraken ‘wonen voor ouderen’ die partijen (waaronder Aedes) in 2021 hebben gemaakt. Met de afspraken in deze werkagenda wordt een volgend kabinet in positie gebracht hierover goed geïnformeerd en snel een besluit te kunnen nemen.  
  • Het Actieprogramma Dak- en thuisloze jongeren (2019-2021) en de Brede aanpak van dak- en thuisloosheid (2020-2021) lopen eind 2021 af. Maar de samenwerking op dit thema zal worden gecontinueerd met BZK en SZW. In 2022 wordt verder gewerkt aan implementatie van het advies van beschermd wonen naar een beschermd thuis. Als onderdeel daarvan bereiden gemeenten de inhoudelijke doordecentralisatie van beschermd wonen per 1 januari 2022 voor en is vanaf 1 januari 2023 de financiële doordecentralisatie gepland. 
  • Er is € 4,9 miljoen beschikbaar voor MantelzorgNL, brede aanpak LVB, daklozen en zwerfjongeren, actieprogramma Schadelijke praktijken en opvang mensenhandel. 
  • Er is € 12,3 miljoen beschikbaar voor Stimulering e-health thuis, deze moet een impuls geven aan de opschaling en borging van e-health-toepassingen die mensen thuis ondersteuning en zorg bieden. De ambitie van VWS is dat cliënten mede hierdoor langer thuis kunnen blijven wonen. 

Ondermijning 

  • In 2022 wordt er € 524 miljoen extra geïnvesteerd in de bestrijding van ondermijnende criminaliteit.
  • Er wordt ingezet op extra bescherming en veiligheid, handhaving, opsporing en vervolging en het terugdringen van crimineel geld.  
  • Relevant voor corporaties: formeel gezag meer zichtbaar in kwetsbare wijken en jongeren perspectief bieden op studie en werk.
  • In 2022 wordt het programma Samen tegen mensenhandel gecontinueerd, om seksuele, arbeids- en criminele uitbuiting te voorkomen en tegen te gaan.  
  • De minister van BZK kan om de leefbaarheid te vergroten in ondermijningsgevoelige gebieden wooncomplexen of straten aanwijzen waaraan eisen worden gesteld aan nieuwe huurders of voorrang wordt verleend. 

VERDUURZAMING

  • Om de verduurzaming van woningen te versnellen trekt het kabinet ruim € 1,3 miljard uit, waarvan € 500 miljoen voor een nationaal isolatieprogramma om de 20% slechtst geïsoleerde huur- en koopwoningen versneld te isoleren en € 300 miljoen voor tegemoetkomingen bij de aanschaf van hybride warmtepompen. Aedes vindt dit een positieve ontwikkeling.  De verwachting is dat de opgave groter wordt door het Europese Fit for 55 programma. 
  • Duidelijk is dat het Fit for 55 pakket van de Europese Commissie om een versnelling van de duurzaamheidsopgave van de gebouwde omgeving zal vragen. Woningcorporaties spelen hier een belangrijke rol in. Om deze versnelling te realiseren zijn additionele publieke middelen nodig. De verdere invulling van het nationaal isolatieprogramma is nog niet bekend. Aedes roept op om een deel van de € 500 miljoen toe te wijzen aan corporaties.  
  • Ook verhoogt het kabinet in 2022 het budget van de Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie (SDE++), de subsidieregeling voor duurzame energie en andere technologieën die de CO2-uitstoot in Nederland verlagen, met € 3 miljard. 
  • De regelingen voor de huursector SAH (gericht op de aansluiting van huurwoningen op warmtenetten) en Renovatieversneller (gericht op kostenreductie en opschaling door innovatie) worden ook in 2022 doorgezet. 
  • De ISDE-regeling wordt verlengd tot 2030. Jaarlijks wordt € 100 miljoen opengesteld zoals in het Klimaatakkoord is afgesproken. 
  • In 2021 hebben gemeenten de transitievisies warmte vastgesteld. In 2022 gaan gemeenten – conform de afspraken in het Klimaatakkoord - aan de slag met het concretiseren van de Transitievisies warmte in uitvoeringsplannen per wijk of buurt, met betrokkenheid van bewoners en stakeholders.
  • In 2022 is € 114,2 miljoen beschikbaar voor het Warmtefonds dat tegen aantrekkelijke voorwaarden financiering verstrekt aan woningeigenaren en VvE’s die hun woning verduurzamen. Er is meerjarig geld beschikbaar voor het Warmtefonds tot en met 2030. 
  • In het Bouwbesluit is vastgelegd dat per 1 januari 2023 een kantoor energielabel C of beter moet hebben om nog als kantoor gebruikt te mogen worden. Gemeenten gaan hierop handhaven. In aanloop naar 2023 vindt er voorlichting plaats en gaan gemeenten kantooreigenaren aanschrijven en wijzen op de label C-plicht.

NIEUWBOUW EN BOUWREGELGEVING

Nieuwbouw

  • Om de bouwopgave van 900.000 woningen te realiseren in de periode tot 2030 zijn volgens het kabinet flinke investeringen nodig. Dit kabinet stelt de komende tien jaar jaarlijks € 100 miljoen beschikbaar om de woningbouw extra te stimuleren, niet voor de versnelling van al bestaande projecten.
  • Deze middelen worden gedekt uit de middelen van de vrijval Baangerelateerde Investeringskorting (BIK).
  • Om de bouw van de 900.000 woningen te realiseren, zet het kabinet in op drie pijlers: de veertien grootschalige woningbouwgebieden, de Woningbouwimpuls en door de randvoorwaarden op orde te krijgen.
  • In 2022 gaat het kabinet verder met de al genomen besluiten om belemmeringen zoals stikstof en beperkte capaciteit bij medeoverheden te verminderen. Er worden wederkerige afspraken met medeoverheden, corporaties en marktpartijen gemaakt en de voortgang wordt bewaakt.
  • Het kabinet blijft met provincies in gesprek over de plancapaciteit voor woningbouw en hoe provincies deze de komende jaren met gemeenten willen realiseren. Daarmee wordt de regie vanuit het Rijk versterkt. Die rol wil het kabinet samen met de medeoverheden verder uitwerken.
  • Ook komt er meer regie van het rijk om besluitvorming rond enkele grootschalige woningbouwlocaties te versnellen en de noodzaak en mogelijkheden voor versterking van het bestuurlijk instrumentarium en actief grondbeleid door het Rijk te verkennen, inclusief een verkenning naar het inrichten van een mogelijk Rijksontwikkelbedrijf. 

Ruimtelijke Ordening

  • De roep om regie van de Rijksoverheid om de juiste integrale keuzes te maken neemt toe. Daarom pakt het kabinet de adviezen van het IBO Ruimtelijke Ordening op om deze rol te versterken. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) geeft invulling aan die rol. 
  • In samenwerking tussen Rijk en regio wordt gewerkt aan vijf omgevingsagenda’s waarmee samen met de regio’s gebiedsgericht aan gedeelde ambities en opgaven wordt gewerkt. Er zijn acht NOVI-gebieden benoemd, waar de meeste complexe opgaven samenkomen.
  • Samen met departementen en andere uitvoeringsorganisaties onderzoekt het Rijkvastgoedbedrijf hoe rijksgronden kunnen worden ingezet voor maatschappelijke opgaven als: woningbouw, duurzame landbouw, natuurontwikkeling en de energietransitie.

Natuurinclusief bouwen

  • Momenteel onderzoeken de ministeries van LNV en BZK, samen met decentrale overheden en sectorpartijen, de knelpunten voor natuurinclusief bouwen en wordt geanalyseerd of en in welk instrumentarium er gezocht moet worden voor het wegnemen van deze knelpunten. 
  • Daarbij wordt ook naar het Bouwbesluit gekeken en hoe met eventuele nieuwe verplichtingen moet worden omgegaan in relatie tot de voortgang en betaalbaarheid van de woningbouw en de verduurzamingsopgave (na-isolatie).  

Bouwregelgeving

  • Met inwerkingtreding van het stelsel van de Omgevingswet in 2022 zal het Bouwbesluit 2012 ingetrokken en opgevolgd worden door het Besluit bouwwerken leefomgeving.  
    In 2022 en verder wordt gewerkt aan nieuwe wijzigingen van het Besluit bouwwerken leefomgeving en de implementatie daarvan. Daarbij kan gedacht worden aan de uitwerking van onderdelen van het Klimaatakkoord, onderdeel gebouwde omgeving, en diverse onderwerpen over de brandveiligheid van gebouwen. 

Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen

  • In 2022 wordt de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (WKB) stapsgewijs ingevoerd. Het doel van de wet is het verbeteren van de bouwkwaliteit en het versterken van de positie van de bouwconsument.  
  • Tot aan inwerkingtreding van de Wkb kunnen alle betrokken partijen door middel van proefprojecten ervaring opdoen, zodat zij goed voorbereid zijn op het nieuwe stelsel. 

Bestuursakkoord Groningen 2022 

  • In de bestuurlijke afspraken tussen rijk en regio zijn afspraken gemaakt over de toekomst van de versterkingsoperatie. Om tegemoetkoming te bieden voor de huurders en achterstallig onderhoud voor de woningcorporaties is € 39,5 miljoen per jaar in 2022 en 2023 beschikbaar.  

CV-ketels  

  • Op 1 oktober 2020 is het wettelijk stelsel certificering werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties in werking getreden. Dit stelsel betreft werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties, zoals plaatsing, onderhoud en reparatie van cv-ketels, geisers en haarden inclusief de benodigde rookgasafvoer en luchttoevoer. Deze werkzaamheden mogen vanaf 1 april 2022 alleen nog worden uitgevoerd door bedrijven die daarvoor gecertificeerd zijn. 

Asbest

  • In 2023 zal een evaluatie van het asbestbeleid afgerond worden (ministerie I&W). De evaluatie richt zich op de vraag in hoeverre met het beleid het doel (aanpak van asbestdaken, de grootste bron aan vezels in de buitenlucht) is bereikt, en welke beleidsvragen nog resteren.  
  • Ook zal in 2022/2023 een beleidsevaluatie van het landelijk asbestvolgsysteem (LAVS) gehouden worden. Daarnaast zal er in 2023 gestart worden met een evaluatie van de beleidsmaatregelen van het asbeststelsel (ministerie SZW).  
  • In 2022 zijn er voor het verwijderen van asbestdaken o.a. een particulier leningen fonds (voor dakeigenaren die niet in aanmerking komen voor een reguliere lening) en instrumenten voor de zakelijke asbest dakeigenaren. Het is nog onduidelijk of corporaties hier onder vallen.  
  • Verder zijn acties afgesproken gericht op bewustwording en communicatie, het ontzorgen van gemeenten, het koppelen van asbestsaneringen met andere maatschappelijke opgaven, en het vereenvoudigen van saneringen en monitoring. 

Bodem/PFAS 

  • Voor 2022 en verder worden met de andere overheden afspraken gemaakt over het afronden van het saneringsprogramma van de spoedlocaties bodemverontreiniging, de realisatie van verbetering van de bodemkwaliteit en over regionale kennisontwikkeling. Hiervoor is € 69,6 miljoen ter beschikking gesteld.  

Geluid

  • De nieuwe geluidregels onder de Omgevingswet treden in 2022 in werking.

Lees ook de belangrijkste plannen uit de Rijksbegroting op het gebied van werkgeverszaken.