Wet- en Regelgeving

Europees Gerecht moet alsnog DAEB-besluit beoordelen

De Nederlandse woningcorporaties hebben wederom gelijk in hun bezwaar tegen het DAEB-besluit van de Europese Commissie. Nadat ze in 2014 na een eerste hoger beroep al ontvankelijk werden verklaard, bepaalde het Europese Hof van Justitie op 15 maart 2017 dat het Gerecht de bezwaren niet als ‘kennelijk ongegrond’ had mogen verklaren en dus de bezwaren wel inhoudelijk moet toetsen.

De Europese Commissie stelde in 2009 met het zogeheten DAEB-besluit nieuwe eisen aan de taken van corporaties, waaronder een strengere nationale inkomensgrens voor sociale huurwoningen. Een aantal corporaties startte in 2010 een rechtszaak hiertegen. In 2015 werd hun bezwaar door het Europees Gerecht niet-ontvankelijk verklaard, omdat niet de Europese Commissie maar de Nederlandse regering de DAEB-maatregel zou hebben genomen. Dat oordeel is nu in hoger beroep (aangespannen door de corporaties) herroepen door het Europese Hof, dat er nogmaals op wees dat corporaties wel degelijk belang hebben bij het besluit van de Europese Commissie.

Wal en schip
‘Het DAEB-besluit betekent dat wij alleen nog maar huishoudens met een inkomen tot ongeveer 35.000 euro mogen huisvesten’, verklaart Ria Koppen het bezwaar. Zij is directeur Bedrijfsvoering bij Haag Wonen en woordvoerder namens de procederende corporaties. ‘Door deze maatregel vallen mensen die net een hoger inkomen hebben tussen wal en schip en tornen we aan onze gemengde wijken. Wij vinden dat Nederland dat zelf moet kunnen bepalen.’

Discussie
Door de procedurele bezwaren speelt de zaak inmiddels al zeven jaar, zonder dat inhoudelijk naar de zaak is gekeken. Koppen is blij dat dat nu alsnog gaat gebeuren. Wel is het een zaak van lange adem, zegt ze. ‘Dat zou zomaar pas eind 2018 kunnen gebeuren.’

‘Tijdens de rechtszaak bleef de advocaat van de Europese Commissie aanvoeren dat het niet de Europese Commissie, maar de Nederlandse regering was die de inkomensgrens oplegde.’ Het is opvallend dat de Commissie naar Nederland wijst. Zeker in het licht van de verhitte discussies destijds in Nederland. Er werd in 2009 nog een motie aangenomen door de Tweede Kamer waarin ze het kabinet verzoeken om ervoor te zorgen dat de Europese Commissie accepteert dat Nederlandse corporaties een bredere doelgroep mogen bedienen.

Gemengde wijken
Aedes steunt de 130 woningcorporaties in deze zaak. Aedes vindt het belangrijk dat de rechter beslist in hoeverre de Europese Commissie invloed mag uitoefenen op de organisatie van DAEB-activiteiten, met name de toewijzingswijze en de doelgroep. Het is de vraag of dit destijds zorgvuldig is gebeurd en waarom één nationale inkomensgrens werd vastgesteld.

Ook voor andere landen zijn deze vragen relevant. Sorcha Edwards, secretaris-generaal van Housing Europe, onderstreept dit: ‘Het is van vitaal belang dat gemengde wijken een onderdeel mogen vormen van DAEB-activiteiten in Europese steden. Deze zaak is daarom geen geïsoleerde casus. Sociale huisvesting moet bijdragen aan een inclusieve maatschappij die sociale mobiliteit en gelijke kansen biedt.’