Wet- en Regelgeving

Kabinet schrapt automatische voorrang vergunninghouders

Vluchtelingen met een verblijfsvergunning krijgen straks niet meer automatisch voorrang bij de toewijzing van een sociale huurwoning op andere woningzoekenden. Gemeenten bepalen voortaan zelf hoe zij voldoende woningen kunnen toewijzen aan vergunninghouders. Het kabinet regelt dit via een wetswijziging van de Huisvestingswet. Die ligt nu in de Tweede Kamer.

Gemeenten kunnen nog steeds voorrang geven aan vergunninghouders, daarvoor kunnen ze een regeling opnemen in de huisvestingsverordening. Het is alleen niet meer landelijk verplicht. De taakstelling voor gemeenten (het aantal te huisvesten vergunninghouders) blijft ongewijzigd.

Onverstandig
Aedes vindt het onverstandig de voorrangsstatus van mensen met een verblijfsvergunning af te schaffen. Vergunninghouders zijn vooral aangewezen op sociale huurwoningen. Zij zijn in grote delen van het land kansloos op de woningmarkt als ze geen voorrang krijgen, aangezien ze doorgaans geen kennis van de woningmarkt hebben, geen of een beperkt netwerk hebben en nieuw zijn op de wachtlijst. Aedes vreest dat afschaffen van de voorrangsstatus de doorstroom uit asielzoekerscentra opnieuw vertraagt.

De Tweede Kamer riep het kabinet vorig jaar op om de voorrangsregeling voor vergunninghouders af te schaffen. Een meerderheid is bang voor verdringing van andere woningzoekenden op de woningmarkt.

Voorrang kan alsnog
Het is niet zo dat vergunninghouders geen voorrang meer kunnen krijgen. De wetswijziging betekent dat gemeenten niet langer verplicht zijn om vergunninghouders als categorie op te nemen in hun huisvestingsverordening. (Overigens heeft naar schatting ongeveer de helft van alle gemeenten zo’n huisvestingsverordening, dus lang niet allemaal.)

Een gemeente is, als zij een verordening heeft, voortaan wel verplicht daarin te beschrijven hoe ze de taakstelling voor vergunninghouders denkt te halen. Een van de manieren om dat te doen is om vergunninghouders alsnog aan te wijzen als voorrangscategorie.

Wetsvoorstel
Het wetsvoorstel ligt sinds dinsdag 19 april 2016 in de Tweede Kamer. Pas na goedkeuring van de Tweede en Eerste Kamer kan de wijziging in werking treden.