Beheer en verbouw van panden van derden

Update

Woningcorporaties mogen het beheer van andermans panden uitvoeren als het gaat om de huisvesting van vergunninghouders, staat in de Woningwet. Sinds 28 oktober 2016 is het ook toegestaan panden van derden te verbouwen, verhuren en onderhouden om er vluchtelingen met een verblijfsvergunning te huisvesten.

Diensten aan bewoners
Onder de regeling voor het beheer vallen diensten voor bewoners in panden van derden. Namelijk technisch, sociaal en financieel beheer, huurincasso en toewijzing. Zoals bijvoorbeeld schoonmaakkosten voor collectieve ruimtes, werkzaamheden van huismeesters (overlast tegengaan, voorlichting geven) en administratie.

Wat betreft de administratie is het volgende toegestaan:

  • Facturatie van technische ingrepen aan bedrijven
  • Facturatie van servicekosten (schoonmaak)
  • Administratie innen van huren (de huur mag niet naar rekening van de corporatie gaan)
  • Administratie van huurachterstanden (voorschotten namens de corporatie geven is niet toegestaan)
  • Werving en toewijzing aan huurders
  • Aanbieden van woningen aan kandidaten
  • Huurcontracten opstellen namens de pandeigenaar (maar er mogen geen huurcontracten worden gesloten op naam van de corporatie)

De gemaakte kosten voor de geleverde diensten moeten volledig worden betaald door de pandeigenaar. Het is dus niet mogelijk om een deel van de diensten op eigen rekening van de woningcorporatie uit te voeren. Het gemeentebestuur moet vooraf akkoord gaan nadat er een (kleine) markttoets is uitgevoerd. In deze markttoets geeft de eigenaar van het pand aan welke werkzaamheden moeten worden verricht tegen welke vergoeding. Als blijkt dat er geen marktpartijen zijn die dit willen doen, mag de corporatie ze (tegen dezelfde vergoeding) uitvoeren.

Verbouw en verhuur
In de Woningwet is ook geregeld dat woningcorporaties panden van derden mogen verbouwen, verhuren en onderhouden om er vergunninghouders te huisvesten. De benodigde wijziging van het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting (BTIV), waarmee de Eerste Kamer op 12 juli 2016 akkoord ging, geldt sinds 28 oktober 2016. Er zijn een aantal voorwaarden:

  • Minstens de helft van de woningen in het gebouw wordt verhuurd aan vergunninghouders.
  • Er geldt een maximum bedrag van 10.000 euro per woning om het gebouw bewoonbaar te maken.
  • De woningcorporatie mag maximaal tien jaar verbouw-, verhuur- en onderhoudwerkzaamheden verrichten in het gebouw.
  • De gemeente moet akkoord zijn met de activiteiten en moet vooraf met een kleine markttoets onderzoeken of er geen marktpartijen zijn die de taak kunnen en willen uitvoeren.

Woningcorporaties moeten bovendien toestemming vragen aan de Autoriteit woningcorporaties (Aw). De wetswijziging voor verbouw, verhuur en onderhoud geldt voor vijf jaar: per 28 oktober 2021 vervalt deze regeling.