Wet- en Regelgeving

Regels verkoop corporatiewoningen

Voor de verkoop van woningen door woningcorporaties gelden regels van de minister: de verkoopregels corporatiewoningen. Sinds 2013 stonden die regels in een zogeheten Circulaire (de MG 2013-02). Die is per 1 juli 2015 vervallen. De verkoopregels zijn per die datum grotendeels ongewijzigd vastgelegd in de Woningwet 2015.

De regels gelden niet alleen voor de verkoop van woningen, maar ook voor bijvoorbeeld ruilen, splitsen of schenken. Nieuw zijn de verkoopregels over maatschappelijk vastgoed.

Goedkeuring vooraf
Bepaalde verkopen van corporatiewoningen moet de minister vooraf goedkeuren. Goedkeuring moet worden aangevraagd bij de Autoriteit woningcorporaties, die namens de minister toezicht op de woningcorporaties houdt.

Opvallende elementen
De voorwaarden waaronder woningcorporaties woningen mogen verkopen zijn in 2013 versoepeld. Het kabinet wilde daarmee de verkoop van corporatiewoningen makkelijker maken. Toch blijven de regels behoorlijk complex.

Opvallende elementen uit de nieuwe regelgeving:

  • Voor de verkoop van maatschappelijk vastgoed aan een andere corporatie of aan de zittende huurder tegen ten minste de getaxeerde leegwaarde of de WOZ-waarde is geen goedkeuring vooraf nodig. Bij verkoop met korting op die leegwaarde en aan derden is wel vooraf goedkeuring nodig.
  • Corporaties kunnen meer dan 10 procent korting geven aan particulieren die zelf in het huis gaan wonen. De corporatie moet daar achteraf verantwoording over afleggen. In sommige gevallen is wel vooraf toestemming van het ministerie nodig, namelijk als er wordt afgeweken van de Regeling Vervreemding Woongelegenheden.
  • Bij particulieren wordt onderscheid gemaakt tussen inkomens tot en met 38.950 euro en daarboven. Dat is echter niet altijd het geval. Zie daarvoor het stroomschema in de toelichting op de ministeriële regeling, hieronder te downloaden.
  • Bij verkoop aan andere marktpartijen dan corporaties maken de regels onderscheid tussen huizen met een maximale huurprijs onder de liberalisatiegrens en geliberaliseerde (dan wel te liberaliseren) woningen.
  • Er zijn minder voorwaarden voor de verkoop aan derden van geliberaliseerde of te liberaliseren woningen.

De nieuwe regels zijn vastgelegd in de Woningwet (artikel 26 en 27), het Besluit Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting (artikel 22 t/m 27) en de Ministeriële Regeling (artikel 9 t/m 12 en toelichting MR). Het ministerie heeft ook het stroomschema in de toelichting op de Ministeriële Regeling overgenomen.