Proces

Woningcorporaties krijgen meer tijd voor jaarrekening en dVi

Woningcorporaties krijgen meer tijd voor het vaststellen van de jaarrekening over 2017. Vanwege de vele nieuwe regels en de hoge administratieve lastendruk die dit met zich meebrengt, gaan een aantal vereisten uit de Woningwet pas in per 1 januari 2019.

Dat meldt minister Plasterk in het Staatsblad en daarmee is het officieel, want op 15 september 2017 was het uitstel al bekend. Eerder was de invoering al verschoven van 2017 naar 2018. Het gaat om het vaststellen van de jaarrekening, waarvoor corporaties in 2018 nog zes maanden de tijd hebben. Vanaf 2019 moet de jaarrekening binnen vier maanden zijn vastgesteld.

Ook voor het aanleveren van de verantwoordingsinformatie (dVi) krijgen corporaties in 2018 ook tot 1 juli de tijd. Vanaf 2019 moeten ze deze gegevens jaarlijks voor 1 mei aanleveren bij de Autoriteit woningcorporaties (Aw).
De minister besloot deze regels een jaar later te laten ingaan dan gepland, mede op ingeven van Aedes, omdat alle nieuwe eisen uit de Woningwet anders tot een ‘ongewenste stapeling van administratieve lasten’ leiden. Bovendien is er een schaarste aan accountants bij woningcorporaties. Minder mensen zouden dan in kortere tijd hetzelfde werk moeten leveren, bevestigde ook de Aw. 

Een andere overweging is dat de scheiding van Diensten van Algemeen Economisch Belang (DAEB) en niet-DAEB in de administratie moet komen en dat levert al genoeg lasten op. Een vervroeging van de termijn voor het inleveren van de stukken zou daarom volgens de minister ‘ongelegen’ komen.

Het staat corporaties die al wel aan de nieuwe normen kunnen voldoen overigens vrij om de nieuwe periode en datum aan te houden om de jaarrekening vast te stellen en de documenten aan de belanghebbenden te sturen.