Publicaties

Administratiekosten Woningwet drie keer hoger door onnodige regels

De nieuwe Woningwet kost woningcorporaties jaarlijks maar liefst 90 miljoen euro aan administratiekosten. Deze kosten zijn ruim drie keer hoger dan voor invoering van de wet. Terwijl het goedkoper kan; de jaarlijkse kosten kunnen door aanpassingen in de wet sowieso met 28 miljoen euro omlaag. Dit blijkt uit onderzoek van adviesbureau Sira Consulting, uitgevoerd in opdracht van Aedes, de vereniging van woningcorporaties. Door deze besparing zouden woningcorporaties een paar duizend woningen per jaar kunnen bouwen.

‘Goed dat de nieuwe Woningwet er is. En natuurlijk is er goede controle en goed toezicht nodig. Maar de wildgroei en opeenstapeling van regels werkt niet’, zegt Aedes-voorzitter Marnix Norder. ‘Uit dit onderzoek blijkt dat de administratiekosten voor woningcorporaties de pan uit rijzen. Terwijl we dat geld veel beter kunnen besteden aan nieuwe woningen en verduurzaming.’

Norder: ‘Corporaties moeten bijvoorbeeld op zes verschillende manieren de waarde van hun woningen bepalen. Dat kost hen jaarlijks al meer dan 25 miljoen euro. Totaal onnodige kosten, je zou toch zeggen dat één keer waarderen voldoende moet zijn. Onze zestien voorstellen om de administratiekosten met 28 miljoen te verlagen, liggen op tafel. We gaan daarover graag in gesprek met het ministerie, de Aw en het WSW.’

Aedes stuurt het rapport donderdag 9 november 2017 naar minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en naar de Tweede Kamer. De branchevereniging vraagt de politiek de resultaten van het onderzoek te betrekken bij de evaluatie van de Woningwet.

Eenmalige invoeringskosten: 77 miljoen
De nieuwe Woningwet ging in op 1 juli 2015. De wet is zo complex dat het corporaties, gemeenten en andere partijen veel tijd kostte alle implicaties te doorgronden. De wet werd onder politieke druk snel ingevoerd, allerlei informatie was pas laat beschikbaar. ICT-leveranciers konden hun systemen niet op tijd aanpassen. Daardoor liepen de invoeringskosten voor corporaties onnodig op tot 77 miljoen. Dit is bijna twee keer zoveel als vooraf berekend.

 

Structurele jaarlijkse kosten: 90 miljoen
Allerlei regels en eisen in de Woningwet leiden tot extra administratie en kosten. En als de wet volledig ingevoerd is, kunnen de kosten wel eens boven de 100 miljoen euro uitkomen. Dat is nog exclusief 15 miljoen euro organisatiekosten van de toezichthouder, die ook voor rekening van de sector komen. 

Onderstaande eisen uit de wet nemen de grootste toenames voor hun rekening.

  • Marktwaardering: 25,3 miljoen euro 
    Corporaties moeten voortaan hun vastgoed waarderen tegen marktwaarde. Dit kost veel extra tijd en geld voor taxateurs en accountants.
  • Passend toewijzen: 17,3 miljoen euro
    Voor de strengere regels voor woningtoewijzing moet de corporatie het inkomen van woningzoekenden controleren. Dit kan niet op een eenduidige manier en is vaak tijdrovend.
  • Prestatieafspraken: 10,3 miljoen euro
    Corporaties maken jaarlijks met gemeenten en huurdersorganisaties afspraken over hun activiteiten. Dit vraagt om veel informatie op detailniveau en veel overleg met iedere gemeente afzonderlijk.
  • Verslaglegging en verantwoordingsinformatie: 7,2 miljoen euro
    Toezichthouder Autoriteit woningcorporaties (Aw) vraagt steeds meer en steeds gedetailleerdere informatie op over verantwoording en prognoses.

Hoe kunnen de kosten omlaag?
De onderzoekers noemen zestien mogelijke aanpassingen van de wet waardoor de administratieve lasten met 28 miljoen euro kunnen dalen. De grootste besparingsmogelijkheden:

  • Minder verantwoordings- en prognose-informatie: 6,1 miljoen euro
    Er wordt al gewerkt aan een efficiëntere manier van opvragen van gegevens door de Aw en het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). 
  • Eén waarderingsmethodiek: 5,6 miljoen euro
    Corporaties moeten, naast de zeer complexe marktwaardering, hun vastgoed ook waarderen tegen bedrijfswaarde, historische kostprijs, leegwaarde, fiscale waardering en WOZ-waarde.
  • Centraal register voor inkomenstoets: 5,4 miljoen euro
    Via een landelijk register voor inkomensgegevens, aangesloten op de Belastingdienst, kunnen corporaties efficiënt de inkomens van woningzoekenden controleren. Dit scheelt tijd voor corporaties, maar levert ook een aanzienlijke besparing op de accountantskosten.