Praktijk

Doorgeslagen regelgeving: ‘Liever bezig met verhuur dan met sociale recherche’

De doorgeslagen administratieve verplichtingen maken dat leerkrachten, verpleegkundigen, zorgverleners en woningcorporatiemedewerkers te weinig toekomen aan de mensen voor wie zij werken. Elf brancheorganisaties trokken daarover aan de bel.  Floor Tweeboom (40), verhuurmedewerker bij corporatie Mitros (Utrecht) merkt dagelijks de gevolgen van de regeldruk. ‘Ik ben liever bezig met de verhuur van sociale woningen dan met sociale recherche.’

Tweeboom zorgt dat sociale huurwoningen die leegkomen weer verhuurd worden. Bijvoorbeeld regulier via advertenties of voor het realiseren van taakstellingen voor vluchtelingen met een verblijfsvergunning of huurders uit de maatschappelijke opvang. ‘Ik werk hier nu tien jaar, maar merk dat het nu veel ingewikkelder is. Vooral sinds de invoering van het passend toewijzen per 1 januari 2016. Hierdoor moet het inkomen beter worden getoetst , zegt Tweeboom. 

Die extra eisen aan het papierwerk betekenen ook meer werk. Niet alleen in het op orde krijgen van het papierwerk, maar ook omdat wachtende huurders gaan bellen waar hun huis blijft. ‘Ik vind dat lastig, want ik ben meer tijd kwijt voor ik het leuke telefoontje kan plegen om te vertellen dat een kandidaat-huurder een huis heeft.’ 

Dossier controleren
Tweeboom moet ook de dossiers voor bijzondere doelgroepen controleren. ‘Dat is veel papierwerk. Vaak moet ik achter de broek aanzitten van zorginstellingen, maatschappelijke opvang en Vluchtelingenwerk om alle gegevens op orde te krijgen. Alle handtekeningen moeten goed staan en het dossier moet kloppen. Bij gezinshereniging is het vaak nog meer werk, want dan heeft het ene gezinslid soms al wel een uitkering en het ander nog niet. Dat maakt het papierwerk nog ingewikkelder.’ 

Stress en onrust 
Deze zomer was de situatie door vakanties zo schrijnend dat woningruilkandidaten moesten wachten. ‘Andere woningzoekenden gingen voor, want die hebben nog geen dak boven hun hoofd.’ Tweeboom ervaart stress en onrust in haar werk. ‘We krijgen er steeds meer taken bij, maar er valt niets af. We moeten meer prioriteiten stellen en accepteren dat we niet alles tegelijk kunnen. Ik kan op mijn werk niet langer blijven, want ik heb een dochter voor wie ik op tijd thuis moet zijn. Dat is voor mij een natuurlijke grens: daar stopt mijn werk. Maar ik zie ook dat collega’s die grenzen minder goed kunnen stellen.’

Minder strenge regels
Tweeboom zou zeer geholpen zijn met minder strenge regels voor bijvoorbeeld het compleet maken van de dossiers voor nieuwe huurders. Of met een sneller systeem voor het krijgen van een inkomensverklaring. ‘Ik raad de meeste mensen op de wachtlijst aan hem al aan te vragen voor ze een huis krijgen toegewezen, maar dat doet niet iedereen.’ Het zou haar tijd schelen, zodat ze het verlossende telefoontje naar een nieuwe huurder weer als vanouds op tijd kan plegen.