Wijzigingen Warmtewet per 1 januari 2020

De Warmtewet is op 1 januari 2020 gewijzigd. Dit heeft een aantal gevolgen voor woningcorporaties.

De Tweede Kamer heeft al in 2018 een wijzigingsvoorstel op de Warmtewet aangenomen. Een deel van de wijzigingen is op 1 juli 2019 in werking getreden. De overige wijzigingen zijn op 1 januari 2020 ingegaan.

Dit zijn de belangrijkste wijzigingen:

  • Het begrip ‘verbruiker’ is verruimd. Een corporatie is verbruiker als die warmte afneemt, een centrale aansluiting heeft van meer dan 100 kilowatt en warmte levert aan huishoudens met een individuele aansluiting van maximaal 100 kilowatt.
  • Voor levering aan woningcorporaties die ‘doorleveranciers’ van warmte zijn, gelden nu ook maximumtarieven voor warmte, kosten voor aan- en afsluiting en voor afleversets. Daarbij maakt het niet uit of de corporatie en de warmteleverancier de afspraken hebben gemaakt voor of na 1 januari 2020. Corporaties moeten dus goed opletten dat ze niet te veel betalen.
  • De Autoriteit Consument en Markt (ACM) stelt voortaan maximumtarieven vast voor levering van koude. Maar alleen voor die gevallen dat de levering van koude noodzakelijk is voor de levering van warmte, bijvoorbeeld bij Warmte Koude Opslag (WKO). Kan een gebruiker kiezen of hij wel of geen koude afneemt, dan geldt er géén maximumtarief voor koude.

Warmtewet 2.0

De Warmtewet wordt de komende jaren verder aangepast tot Warmtewet 2.0. Met de huidige wijzigingen in de Warmtewet is een warmteleverancier nog niet verplicht om verbruikers aan te sluiten. Waarschijnlijk wordt dit opgelost in de Warmtewet 2.0.

Verder bevat de Warmtewet 2.0 duurzaamheidseisen voor de opwekking en levering van warmte. De inwerkingtreding van de Warmtewet 2.0 staat gepland voor 1 januari 2022.

Bekijk de volledige Warmtewet

Lees de brief van minister Wiebes (EKZ) aan de Tweede Kamer over de Warmtewet 2.0.