Verdieping

‘LAVS maakt fraude door asbestverwijderaars onmogelijk’

Gebruik van het landelijk asbestvolgsysteem (LAVS) wordt naar verwachting in 2017 verplicht, ook voor woningcorporaties. Toch gebruiken nog maar weinig corporaties de webapplicatie, die de hele asbestketen vanaf de inventarisatie tot en met de stort in beeld brengt. Gerwin Lensink begeleidt met zijn bedrijf RIR (Reliable Independent Review) het gebruik van het LAVS bij corporaties en legt uit hoe dat zit.

Hoe komt het dat veel corporaties het LAVS nog niet gebruiken?
‘Veel woningcorporaties hebben te weinig tijd om zich erin te verdiepen en laten zich adviseren door asbestinventarisatie- en asbestverwijderingsbedrijven. En veel van die bedrijven is er alles aan gelegen niet met het LAVS te werken. “Het werkt niet”, zeggen ze dan tegen de woningcorporatie. Dat is echt onzin.’

Waarom zouden die bedrijven dat doen?
‘Er zijn goede bedrijven werkzaam in de asbestinventarisatie en -sanering; voor 20 procent van die bedrijven durf ik mijn hand in het vuur te steken.’ Maar voor veel bedrijven geldt dat niet, aldus Lensink. ‘Uit onderzoek van de Inspectie SZW bleek bijvoorbeeld dat 98 procent van de onderzochte inventarisatierapporten onjuist waren. En met het LAVS is fraude niet meer mogelijk. Dus adviseren ze corporaties het LAVS niet te gebruiken.’

Hoe komt het dat fraude met het LAVS niet mogelijk is?
‘Alle gegevens staan vast in het systeem en kunnen niet meer veranderd worden. En dat gebeurt vaak bij fraude. Een praktijkvoorbeeld. Een corporatie bij mij in de buurt wilde een complex saneren van asbest en schakelde een inventarisatiebureau in. Dat constateerde – terecht – een aantal risico’s in klasse 3, de hoogste klasse, waar een – dure – eindcontrole bij nodig is. Maar dat bureau adviseerde de corporatie daarna voor de verwijdering en eindcontrole bevriende bedrijven in te schakelen. Uiteindelijk werd de eindcontrole niet uitgevoerd. In plaats daarvan wijzigde het inventarisatiebureau, na aanbesteden, de eerdere gegevens naar risicoklasse 1, waarvoor geen eindcontrole nodig is. En de corporatie betaalde wel de prijs van risicoklasse 3. De drie bedrijven verdelen de opbrengst van de niet-uitgevoerde eindcontrole en het verschil tussen de goedkope en dure saneringsmethode onder elkaar: pure oplichting. Met het LAVS kan zoiets niet gebeuren. Dan staan de risicoklassen vast in het systeem en kan niemand ze veranderen.’

Oké, geen fraude dus met het LAVS. Maakt het LAVS het proces ook efficiënter?
‘Zeker. Wij draaien bij woningcorporatie Parteon in de Zaanstreek een pilot met LAVS. Daarbij hebben we de meest betrouwbare processen om asbest te verwerken in het systeem op schrift gesteld en dat heeft effect. We zijn van 15 dagen leegstand voor asbestsanering naar 9 gegaan en vanaf 1 juli naar 7 dagen. 25 euro per woning, op een totaal van duizenden eenheden: reken maar uit, dat gaat om veel geld. Wij raden corporaties daarom aan de ‘asbestpartners’ – inventarisatiebureau, saneerder en vrijgavelaboratorium – te dwingen deze processen te volgen. Samen met Aedes gaan we overigens corporaties ondersteunen bij het implementeren van LAVS in de bedrijfsvoering ’

Is het LAVS dan klaar voor grootschalig gebruik onder corporaties?
‘Ja. Maar ik heb wel een kritische noot: het invoeren van gegevens is nu nog wel veel gedoe voor inventarisatiebureaus, verwijderingsbedrijven en vrijgavelaboratoria. Dat betekent niet dat het LAVS niet werkt, maar het kan wat gebruiksvriendelijker worden. Bij een complex met 180 woningen, moeten zij bijvoorbeeld voor alle 180 woningen de gegevens invullen, in plaats van dat ze in één keer het hele complex erin kunnen zetten. Maar daar komt een simpele oplossing voor.’