Proces

Aedes: ‘We kunnen grote stappen zetten in verduurzaming huurwoningen’

‘Wij geloven in warmtenetten’, zei Aedes-voorzitter Marnix Norder in het ronde-tafelgesprek in de Tweede Kamer over de Klimaattafel Gebouwde omgeving. ‘Corporaties hebben 200.000 woningen klaar staan om aan te sluiten op een warmtenet. Maar daarvoor moet wel de prijs dalen.’

Tijdens de hoorzitting op 28 maart 2019 bogen Kamerleden, wetenschappers, onderzoekers en belangenorganisaties zich over de verduurzamingsvoorstellen voor huizen en gebouwen. Warmtenetten hebben daarin een belangrijke plaats. Norder wees op het project de Startmotor en de inventarisatie van Aedes: 200.000 huurwoningen van woningcorporaties kunnen binnen drie jaar op een bestaand warmtenet worden aangesloten.

Monopoliepositie

‘We kunnen dus grote stappen zetten’, zei Norder. ‘Maar voor het zover is, moet er wel nog een en ander gebeuren.’ Zo moet het tarief dalen, zodat de woonlasten van huurders niet stijgen. Particulieren moeten voor dezelfde prijs mee kunnen doen. Verder is transparantie van de tarieven nodig. De monopoliepositie van de warmtebedrijven maakt dit lastig, stelde behalve Norder ook wethouder Lot van Hooijdonk namens de Vereniging Nederlandse Gemeenten. Netbeheerder Alliander vroeg zich zelfs af of warmtenetten niet publiek en onafhankelijk beheerd moeten worden.

De doorrekening van het concept-Klimaatakkoord door het Planbureau voor de Leefomgeving leidde bij verschillende genodigden tot zorgen. Het Economisch Instituut voor de Bouw benadrukte dat de PBL-berekeningen transparant en narekenbaar moeten zijn en dat dit nu niet het geval is. In haar position paper schrijft Aedes dat er tussen de berekeningen van PBL en corporaties in de praktijk soms een factor twee zit. ‘Dit kan komen doordat PBL vervangingskosten van installaties, inrichting van bouwplaatsen en dergelijke kosten niet meegenomen heeft,’ aldus Norder.

Infrastructuur

Ook de fasering van de verduurzaming roept kritische geluiden op. ‘Veel wetten zijn niet rond voor 2022’, zei Van Hooijdonk van de VNG. ‘Maar de gemeenten moeten al in 2021 aanwijzen wat er in welke wijk moet gebeuren. Er moet eerder duidelijkheid komen over bevoegdheden, gebouwgebonden financiering en de marktordening van de warmtebedrijven.’ Ook Alliander bepleitte meer duidelijkheid. Dat is nodig om tijdige investeringen in de infrastructuur mogelijk te maken.

Over de nieuwe BENG-eisen (Bijna Energieneutrale Gebouwen) voor nieuwbouwwoningen waren ook zorgen. De nieuwe eisen vragen om forse extra investeringen. Als de lat niet wat lager komt te liggen, kunnen corporaties en MKB straks minder bouwen, waarschuwde een bouwer.

Renovatieversneller

Het ronde-tafelgesprek maakte opnieuw duidelijk dat er verschillende aanpakken voor verduurzaming van Nederlandse woningen zijn. ‘Al die aanpakken zijn nodig’, zei Norder. ‘En samenwerking is daarbij cruciaal.’ Hij wees op de Renovatieversneller. Corporaties bundelen in dit project hun vraag naar warmtepompen en isolatie. Zo verleiden corporaties de markt tot een aantrekkelijk, innovatief gezamenlijk aanbod. Dat is niet alleen goed voor de verduurzaming, maar ook voor de werkgelegenheid, aldus Norder.

De verduurzaming van onze gebouwde omgeving gaat voor 90 procent over mensen, benadrukte Diederik Samsom, voorzitter van de Klimaattafel Gebouwde omgeving. ‘De meeste mensen geven dit nog geen prioriteit, maar ze zijn welwillend. Maar dan moeten ze wel weten wat te doen.’ Daarom pleitte Samsom voor een maatschappelijk debat dat duidelijkheid kan verschaffen.