Tien vragen over loonbetaling bij ziekte

Over de loonbetaling aan zieke werknemers bestaat regelmatig onduidelijkheid. Hoeveel procent van het brutoloon betaal je als werkgever aan een zieke werknemer? Wat betaal je bij succesvolle re-integratie? En wat staat hierover in de CAO?

1. Wat regelen de wet en de CAO?
Het Burgerlijk Wetboek schrijft voor dat de werkgever de arbeidsongeschikte werknemer 70 procent van het maximumdagloon betaalt. Het maximumdagloon is het maximale loon per dag waarmee uitkeringsinstanties rekenen als ze de hoogte van de uitkering volgens de werknemersverzekeringen bepalen. De CAO Woondiensten heeft een gunstiger regeling: de werkgever moet in het eerste jaar van de ziekte 100 procent van het brutoloon betalen en in het tweede jaar 70 procent van het brutoloon.

2. Hoeveel procent loon krijgt een medewerker die re-integreert?
De CAO bepaalt dat de werknemer in het tweede ziektejaar recht heeft op een aanvulling van 20 procent van zijn loon, op voorwaarde dat hij gedurende twee maanden succesvol is gere-integreerd. Dat betekent dat de werknemer recht heeft op uitbetaling van 90 procent van het laatstverdiende brutoloon. Ook al is de werknemer voor meer dan 90 procent van de loonwaarde gere-integreerd, blijft de loondoorbetaling maximaal 90 procent. Voor de bepaling van de hoogte van de uitbetaling wordt niet gekeken naar het aantal gewerkte uren.

3. Wanneer wordt het loon in het tweede ziektejaar aangevuld?
Bij succesvolle re-integratie in het tweede ziektejaar krijgt de werknemer met terugwerkende kracht een aanvulling van 20 procent van het laatstverdiende loon, over de periode dat hij inspanningen heeft verricht voor de re-integratie.
De CAO bepaalt niet om wat voor inspanning het moet gaan, alleen dat deze moet bijdragen aan de re-integratie van de werknemer. De werkgever kan zelf beleid maken om wat voor inspanning het dient te gaan. Voorwaarde voor de loonaanvulling is dat de werknemer twee maanden lang weer aan het werk is en hiermee minimaal 50 procent van het loon verdient.

4. Heeft een werknemer recht op betaling naar loonwaarde in het tweede ziektejaar indien hij arbeidsongeschikt is wegens ziekte?
Nee. Een werknemer heeft recht op 70 procent loondoorbetaling in het tweede ziektejaar. Of op 90 procent loondoorbetaling als de werknemer succesvol is gere-integreerd in het tweede ziektejaar. Als een werknemer bijvoorbeeld 94 procent arbeidsgeschikt is, heeft hij geen recht op 94 procent doorbetaling. De wet (artikel 629 boek 7 BW) maakt namelijk in de eerste twee jaren van ziekte geen onderscheid in arbeidsongeschiktheidsklassen. Je bent arbeidsongeschikt wegens ziekte of niet. Oftewel: 70 procent of 90 procent loondoorbetaling in het tweede ziektejaar.

5. Wat is succesvol re-integreren?
Er is sprake van succesvolle re-integratie als de medewerker twee maanden met zijn werk ten minste 50 procent van zijn brutoloon verdient. Als een medewerker in een lager gewaardeerde functie re-integreert, zal hij dus voor méér uren moeten re-integreren om aan de voorwaarde van 50 procent van het brutoloon te voldoen.

6. Wat gebeurt er bij ziekte na succesvolle re-integratie?
Dan begint de periode van succesvolle re-integratie weer opnieuw nà zijn betermelding. Dit geldt formeel zelfs als de werknemer maar één dag ziek is. Dit kan de medewerker misschien in sommige situaties onrechtvaardig vinden. De CAO geeft hierover geen regels en dus kan de corporatie zelf bepalen hoe ze hiermee omgaat.

7. Hoe gaat het in de praktijk?
Voorbeeld: werknemer heeft een bruto maandloon van 1.000 euro. Hij wordt 100 procent arbeidsongeschikt. Hij ontvangt in zijn eerste ziektejaar maandelijks 1.000 euro bruto. In het tweede ziektejaar ontvangt de medewerker maandelijks 700 euro bruto. Deze medewerker gaat per 1 oktober weer voor 70 procent aan de slag. Twee maanden later (per 1 december dus) stelt de werkgever vast of hij succesvol is gere-integreerd. Zo ja, dan krijgt de medewerker een aanvulling van 20 procent van zijn laatstverdiende bruto loon met terugwerkende kracht uitbetaald (dus vanaf 1 oktober). Per saldo ontvangt de medewerker dan maandelijks 900 euro bruto.

8. Heeft dit gevolgen voor de opbouw van pensioenrechten en vakantiedagen?
Ja. Wanneer de werkgever in het tweede ziektejaar geen 100 procent meer betaalt, heeft dit gevolgen voor de pensioenopbouw. Daarover biedt de website van de Stichting Pensioenfonds Woondiensten (SPW) meer duidelijkheid.
Werknemers die geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn, bouwen sinds 1 januari 2012 volledig wettelijke vakantie-uren op (144 wettelijke vakantie-uren per jaar). Bij gehele of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid, bouwt een werknemer de eerste 26 weken volledig bovenwettelijke vakantie-uren op. Na 26 weken arbeidsongeschiktheid bouwt een werknemer alleen bovenwettelijke vakantie-uren op over de uren dat hij arbeidsgeschikt is. Meer weten over ziekte en opbouw en opname van vakantie-uren? Klik hier.

9. Moet een werkgever ook loon betalen voor ziekte door cosmetische operaties?
Als de werknemer een cosmetische operatie ondergaat waarvoor geen medische noodzaak bestaat, zoals het laseren van ogen of een liposuctie, is het de vraag of het niet kunnen werken dan ook voor risico van de werkgever moet zijn. Daar woedt al enige tijd een discussie over tussen werkgevers en juristen.

De wet maakt geen onderscheid naar arbeidsongeschiktheid door een medisch noodzakelijke ingreep en een cosmetische. Alleen als de werknemer opzettelijk zijn arbeidsongeschiktheid heeft veroorzaakt, hoeft de werkgever geen loon door te betalen.
Maar de rechter neemt niet snel aan dat bij een vrijwillige medische ingreep sprake is van opzet, omdat de werknemer nooit beoogd heeft om door de ingreep tijdelijk te verzuimen.

Overigens is het natuurlijk altijd mogelijk om als werkgever en werknemer samen afspraken te maken over het opnemen van vakantie of onbetaald verlof, als de aard van de ingreep en de duur van het verzuim daartoe aanleiding geven.

10. Wanneer kan een werkgever (een deel van) het loon gecompenseerd krijgen?
Soms is het mogelijk om een deel van de loonkosten terug te krijgen van het UWV, omdat de werknemer recht heeft op een Ziektewet-uitkering. Als een werknemer ziek is vanwege orgaandonatie of door zwangerschap wordt 100 procent van het (maximum) dagloon betaald door het UWV.

Voor werknemers met een ziekte of handicap betaalt het UWV soms een Ziektewetuitkering. Deze uitkering dekt een groot deel van de loonkosten van de zieke werknemer. Deze regeling wordt vaak de no-riskpolis genoemd. De werkgever moet de werknemer dan uiterlijk de vierde ziektedag ziek melden bij het UWV. Werknemers kunnen onder andere een Ziektewet-uitkering krijgen als zij:

  • voor het dienstverband een WAO- of WIA-uitkering ontvingen
  • een Wajong-uitkering krijgen of ooit hebben gekregen
  • tijdens het dienstverband een WIA-uitkering ontvangen en aansluitend bij de werkgever in dienst bleven
  • geen WIA-uitkering krijgen omdat zij minder dan 35 procent arbeidsongeschikt zijn en binnen 5 jaar daarna bij de werkgever in dienst zijn gekomen.

De werkgever mag de Ziektewet-uitkering verrekenen met het loon. Meer informatie over de Ziektewet-uitkering is te vinden op de website van het UWV.